Whiskyroute door Schotland

Vergeet wijngaarden en wijnproeverijen. In het geboorteland van de scotch zijn whiskywandelingen een ding. Een groot ding.

Schotland, het land van de tartan kilts, is altijd al een vrij populaire bestemming geweest, maar vooral de heropleving van de whisky heeft geleid tot een enorme toename van toeristen. Vorig jaar maakten zo’n 1,9 miljoen (!) mensen de reis naar de Schotse distilleerderijen.

Vanaf het moment dat de eerste mens voet zet­ te in Schotland, zag de Schotse whisky het licht. Toch werd het pas in de 19de eeuw big business, want toen werd de Schotse whisky gelegaliseerd en dus ook winstgevend. Vandaag zijn er meer dan 120 distilleerderijen in vijf verschillende regio’s (Campbeltown, Highland, Islay, de Lowlands en Speyside). En de sector blijft groeien, nu de whisky bezig is aan een heropleving in Amerika.

De laatste jaren hebben veel specifieke whis­ kybars hun deuren geopend in steden zoals New York, Chicago en Los Angeles. Dat deden ze voor millennials die eens wilden proeven van the good stuff. Sinds die heropleving bezoeken meer en meer mensen de distilleerderijen om te zien hoe ze die whisky maken. Volgens de Scotch Whisky Association (SWA) bezochten 1,9 miljoen toe­ risten de Schotse whiskydistilleerderijen in 2018 (in 2017 was dat nog 1,6 miljoen). De meeste toeristen kwamen uit Duitsland en de Verenigde Staten. De verwachtingen over het bezoekersaan­tal voor 2019 liggen nog hoger.

Vandaag telt Schotland meer dan 120 distilleerderijen in vijf verschillende regio’s

De whiskysector is een enorm grote handel. En dat weet ook Diageo, de eigenaar van Lagavulin en de grote man als het op sterkedrank aankomt. Zo vertelde hij in 2018 dat hij de komende drie jaar 190 miljoen dollar zou investeren om zo de belevenis van scotch naar een hoger level te brengen voor de toeristen. Natuurlijk moest ik dit fenomeen zelf gaan bekijken.

Afgelopen mei ging ik naar Islay – het kleine, winderige eiland in de zuidelijke Hebri­den, net voor de westkust van Schotland, zo’n 40 kilometer ten noorden van Ierland. Dit is wat ik, een whiskynoob, ondervonden heb.

OP ZOEK NAAR SINGLE MALT

Islay is niet alleen een prachtig eiland met velden vol boshyacinten, oude bossen en kilome­ terslange stranden. Het is ook de thuisbasis van negen van de beroemdste distilleerderijen van Schotland, waar alle beroemde (en dure) geturf­ de single malts gemaakt worden.

Ik vloog vanuit Glasgow naar het eiland. Bij aankomst ging ik meteen naar de bron van de ambachtelijke whisky, de Bruichladdichdistilleerderij aan de westkant van het eiland, aan de oevers van de fjord Indaal.

Bruichladdich bestaat al sinds 1881, maar voor het in 2001 verkocht werd aan wijnverdelers Mark Reynier en Simon Coughlin, was het al meer dan zes jaar gesloten. Ze wilden de productie kleinschalig houden en daarom werden de historische en victoriaanse apparatuur en magazijnen opnieuw in elkaar gezet en heringericht. Reynier en Coughlin zetten zich in voor een ambachtelijke productie met een twist – ze gebruiken namelijk een uniek assortiment aan vaten, vooral wijnvaten, om zo hun whisky te laten rijpen. (In tegenstelling met de ex­bourbon­ en sherryvaten die gewoonlijk in de scotchproductie gebruikt worden.)

De onderneming was zo’n groot succes dat het in 2012 verkocht werd aan Rémy Cointreau voor ongeveer 74 miljoen dollar. Wel met als voorwaarde dat het distillatieproces ambachtelijk zou blijven. Vandaag is Bruichladdich de op een na grootste werkgever op het eiland, na de lokale overheid, die de eerste plek inneemt. Bruichladdich probeert om alleen lokale producten te gebrui­ ken. Zo ook bronwater en gerst van een lokale boer, James Brown of de Godfather of Soil zoals ze hem vaak noemen.

Whiskyproe­ven is niet echt hetzelfde als wijnproeven. Wijn spuug je uit. Whisky … slik je door

TERUG NAAR SCHOOL

Klinkt als een zalig bezoek, nietwaar? Maar wat als het enige wat je weet over whisky is dat het bruin en goed is? Misschien een goed idee om wat bij te lezen voor je naar het eiland gaat. Ikzelf? Ik werd geschoold door de meester­ distilleerder Adam Hannett, en dit is wat hij me geleerd heeft.

Ten eerste: whiskyproeven is ergens vergelijk­ baar met wijnproeven – maar toch anders! Je kunt geobsedeerd raken door dezelfde dingen zoals terroir, de ingrediënten, het proces waarbij fruit of graan omgezet wordt in alcohol, of door de smaak van het eindproduct. Maar whiskyproe­ven is niet echt hetzelfde als wijnproeven. Wijn spuug je uit. Whisky … slik je door.

Voor de zekerheid, het is niet zo dat je van één enkele whisky compleet dronken bent. Niet dat je dat niet kunt, maar scotch hoor je niet in één keer leeg te drinken, te mengen of snel op te drinken. De bedoeling is om langzaam te sippen en de smaken te proeven terwijl ze tot leven komen op je tong – en een gladde weg maken langs je keel. ‘Een goeie whisky zal zich langzaam ontwikkelen en elke seconde een andere smaak aannemen,’ vertelde Hannett me.

Ook heeft elk merk whisky en elk vat, of die nu van hetzelfde label zijn of niet, een aparte en unieke smaak. ‘Islay heeft verschillende micro­ ecosystemen’, zei Hannett. ‘En omdat we alles nog met de hand doen, zal elke lading anders smaken. Dat komt omdat we niet met vooraf ingestelde ingrediënten en instructies werken. Ook komen al onze ingrediënten voornamelijk uit Islay zelf.’

‘Dat proces voelt goed. We haalden gerst van de boerderij, we distilleerden hier en lieten het ook hier rijpen en bottelen. Om het dan in de wereld te verspreiden’, voegde hij eraan toe.

Omdat ze in Islay alles nog met de hand doen, zal elke lading anders smaken

Die dag probeerde ik de gelijknamige niet­ geturfde whisky Bruichladdich en de zwaar geturfde Port Charlotte, beide fruitiger, haast perzikachtig.

Ook proefde ik Octomore, de zwaarst geturfde whisky ter wereld, of dat bewe­ ren ze toch. Hoewel deze laatste kalmer is dan verwacht, rookt de turf nog steeds in de mond, maar het slaat niet over naar de keel. Echt wel een goede whisky dus!

ROAD WARRIOR

De dag erna reed ik mee met de Godfather of Soil, meneer Brown, om turf af te snijden en water uit de bron te halen. Tussendoor voerde ik ook nog zijn kudde langharige hooglanders.

‘Wat is turf eigenlijk juist?’ durfde ik hardop te vragen. Brown legde het uit terwijl we door de moerassen reden: ‘Turf is de jongere, nattere versie van steenkool. Het bestaat uit ontbonden bomen, struiken, alles samengedrukt’, vertelt hij. ‘Tot voor kort gebruikte iedereen op het eiland turf om hun huizen mee te verwarmen, thee te zetten en de whisky te roken.’

Die dag leerde ik dat het erg hard werken is om turfstenen uit de grond te snijden. En gevaarlijk ook. De grond is nogal sponsachtig en onstabiel. Ook dingen die ’s nachts blijven liggen zijn, kunnen zomaar verdwijnen in de drijfzandachtige moerassen en worden nooit meer teruggevonden. Gelukkig wist de God­father zijn weg te vinden en kwamen we er ongedeerd van af voordat we de ondergrondse bron bezochten waar alle whisky van Bruichladdich uit voortkomt.

De volgende dagen reden we naar de acht an­dere distilleerderijen op de eilanden om whisky’s te proeven op de mooie stranden. Ook deden we de beroemde whiskywandeling die start in Port Charlotte en langs de zuidoostkust door een mosgroen bos en via een 13de­ eeuws kasteel loopt. Het kasteel verbindt de drie bekendste distilleerderijen met elkaar: Ardbeg, Lagavulin en Laphroaig.

MEER WHISKY

Hoewel Islay het meest voor de hand liggende gebied is om te linken aan scotch, zijn er nog vier andere belangrijke whiskyproducerende regio’s in Schotland. Campbeltown ligt vlak bij Islay

en is de kleinste whiskyproducerende regio van het land. Er zijn slechts drie distilleerderijen die bekendstaan voor hun mout: Springbank,
Glen Scotia en Glengyle. Highland is dan weer de grootste whisky­producerende regio van Schotland. De ruige streek in het noorden heeft 47 distilleerderijen, waaronder Dalmore, Glenmorangie en Brora. Dan hebben we ook nog Lowland, dat gelegen is in het zuidelijke deel van Schotland en waar de whisky’s licht en zoet zijn. Bekende distilleerderijen daar zijn Auchentoshan, Rosebank en Glenkinchie. Als laatste hebben we Speyside, een regio die ge­klemd ligt tussen de wilde Highlands en de boer­derijen van Aberdeenshire. De regio dankt zijn naam aan de rivier de Spey en is gelegen in de een van de mooiste regio’s van Schotland. Hier zijn de meeste bekende distilleerderijen (Glenlivet, Glenfiddich en Macallan) en ze hebben ook een eigen whiskywandeling: de Malt Whisky Trail.