scrollTop top

Waarom COVID-19 IJsland dwingt toerisme heruit te vinden

Na jaren van enorme groei is het toerisme in IJsland tijdens de coronacrisis praktisch tot stilstand gekomen. Maar liefst 245.000 van de 360.000 IJslanders zijn afhankelijk van de sector. De plotse daling van het aantal toeristen confronteert de kleine Vikingnatie opnieuw met een existentiële crisis: welke postcovideconomie moet IJsland bouwen? En welk soort toerisme? Newsweek vroeg het aan enkele prominente IJslanders, onder wie de premier van het land.

Het begon allemaal met de Eyjafjallajökull in 2010. Terwijl het land vóór de uitbarsting van de onuitspreekbare vulkaan 500.000 toeristen per jaar ontving, waren er dat acht jaar later 2,5 miljoen. Toerisme was een godsgeschenk voor het barre, maar wondermooie eiland dat drie keer groter is dan België maar amper 365.000 inwoners heeft. En de helft van hen woont in Reykjavik.

Immers, IJsland werd ongemeen hard getroffen door de economische crisis van 2008 – waardoor het land de facto bankroet ging. In de vijf jaar vóór de wereldwijde financiële crash, na de privatisering van de banksector onder de regering van Davíd Oddsson, evolueerde IJsland in een recordtempo naar een economie gebaseerd op internationaal investeringsbankieren en financiële diensten. Het werd een van de meest welvarende landen ter wereld. Maar eind 2008 veranderde alles: IJsland keek door het omvallen van zijn banken ineens aan tegen een buitenlandse schuld die acht keer groter was dan het bnp en belandde in een ernstige economische depressie. Het bbp daalde de volgende twee jaar met 10 procent.

En toen barstte de vulkaan uit. As van de Eyjafjallajökull zorgde ervoor dat meer dan 100.000 vluchten met meer dan 10 miljoen passagiers wereldwijd geschrapt moesten worden. Maar voor IJsland was het de start van een economische relance, voor een groot stuk gevoed door toerisme. Tegen 2014, in amper vier jaar tijd, werd het begrotingstekort herleid tot nul. Vette jaren volgden, met buitengewone groeicijfers. Toerisme werd belangrijker dan de visserij, die vorige eeuw nog 40 procent van ’s lands inkomsten garandeerde. Het was een succesverhaal zonder weerga.

Tot het virus kwam. Het aantal passagiers dat op Keflavík landde, kromp tot bijna nul. In 2019 gaven toeristen uit het buitenland ongeveer 383 miljard IJslandse kronen (2,5 miljard euro) uit. Voor 2020 zal dat niet veel meer dan 500 miljoen euro worden.

Naar nul

IJsland werd overigens in de eerste golf amper getroffen door COVID-19 – rigoureus en consequent testen, gekoppeld aan afstandsmaatregelen (maar geen lockdown) zorgden daarvoor. En het was een van de eerste landen die in juni weer opengingen voor toerisme – het vereiste wel dat men zich bij aankomst liet testen. Toch trok het zomerseizoen nog geen kwart van het aantal bezoekers dan andere jaren. En nu, na het seizoen, is de daling nog spectaculairder.

Er legden afgelopen zomer slechts zeven cruiseschepen, met in totaal 1.346 passagiers, aan in IJslandse havens. Een afname van 99 procent ten opzichte van vorig jaar.

Er legden afgelopen zomer ook slechts zeven cruiseschepen, met in totaal 1.346 passagiers, aan in IJslandse havens. Dat is een afname van 99 procent ten opzichte van vorig jaar, toen 190 cruiseschepen 188.630 passagiers dropten.

‘Straks wordt alles zoals het altijd was vóór de uitbraak – het komt wel weer goed’, zegt Sigrídur Dögg Gudmundsdóttir, die Visit Iceland runt, een toeristenorganisatie. ‘Het mooie is hoe dunbevolkt IJsland is’, zegt ze. ‘Het is de perfecte plek om sociaal afstand te nemen, om van het platteland te genieten zonder veel mensen tegen te komen.’ Vóór de uitbraak van het coronavirus kwam slechts een op de tien toeristen uit IJsland, maar dat aantal zal nog toenemen, vervolgt ze, want het virus heeft de IJslanders hun eigen eiland doen verkennen.’

‘Het optimisme van Gudmundsdóttir wordt niet gedeeld door de meeste andere IJslanders die we spraken. Zo ziet Jóhannes Thór Skúlason, CEO van de Icelandic Travel Industry Association, niet in hoe het snel goed kan komen. ‘De bedrijven die niet failliet gaan, ontslaan mensen en kunnen niet opnieuw aannemen. En we weten niet hoelang dat zal duren.’ Skúlason relativeert ook de impact van toerisme door IJslanders in eigen land. Hij noemt het een peulschil in het totale plaatje.

Toeristen in het coronajaar: vloek of zegen?

Ook niet echt optimistisch is Thórólfur Gudnason, de IJslandse hoofdepidemioloog. ‘Het moeilijkste ligt nog voor ons’, zegt hij. ‘Voor IJsland was het onder controle houden van de initiële uitbraak zeker niet de moeilijkste fase, die komt nog.’

IJslands derde golf van de pandemie ligt aan het gedrag van toeristen.

Gudnason wil het niet met zoveel woorden zeggen, maar vanuit zijn standpunt als epidemioloog zijn buitenlandse toeristen een groot risico. En hij heeft een punt.

IJsland zit in de derde golf van de pandemie wanneer we met Gudnason spreken – het kampt met een dertigtal infecties per dag. En die nieuwe golf ligt volledig aan het gedrag van toeristen, in casu twee Franse toeristen bij wie het virus half augustus vastgesteld werd. Hoewel hen gevraagd werd in isolatie te gaan, deden ze dat niet. In een Ierse pub en een restaurant in Reykjavik besmetten ze meer dan honderd mensen. Door dat gedrag moesten alle cafés en bars in Reykjavik meer dan een maand dicht.

Eind september werden drie toeristen uit een restaurant in Reykjavik geplukt die de quarantaine van vijf dagen aan hun laars gelapt hadden. Diezelfde avond werd een andere buitenlandse reiziger – Engelstalig en dronken – gearresteerd nadat hij ruzie gezocht had in het centrum van Reykjavik. Hij was net aangekomen in IJsland en had ook in quarantaine
moeten zitten.

De plotse daling van het aantal toeristen als gevolg van het coronavirus heeft ook tot een debat geleid: welke postcovideconomie moet IJsland bouwen? En welk soort toerisme?

‘Toerisme is niet langer de toekomst’

Kári Stefánsson, die de jongste maanden heldenstatus verwierf in IJsland, is daar erg duidelijk over. Stefánsson is neuroloog en oprichter en CEO van het biofarmaceutische bedrijf deCODE genetics, dat pionierswerk verricht heeft. Stefánsson en zijn team ontdekten de genetische variaties die verband houden met het risico op ziektes zoals alzheimer, schizofrenie, kanker, hartaandoeningen en diabetes.

‘IJsland staat voor de volgende uitdaging: we zullen de manier om economisch te overleven helemaal moeten herdenken’

Hij bood de IJslandse regering begin maart aan om iedereen die dat wilde, te testen op corona. Hij bouwde zijn laboratoria om om op grote schaal coronatests te verwerken. In recordtijd werd een op de vijf IJslanders getest. Voornamelijk dankzij Stefánsson had het land zijn uitbraak binnen een maand onder controle: in april was IJsland zo goed als coronavrij. En als kers op de taart: het kostte de IJslandse belastingbetaler niks. Stefánsson nam de factuur op zich.

‘IJsland staat voor de volgende uitdaging: we zullen de manier om economisch te overleven helemaal moeten herdenken’, zegt hij. ‘Toerisme zal daar slechts een kleine rol in spelen, het was leuk zolang het duurde, maar het is geen duurzame oplossing voor ons land. COVID-19 heeft ons dat duidelijk gemaakt.’

Maar hoe? ‘We zullen moeten inzetten op het uitbouwen van de IJslandse landbouw en daarvoor onze enorme voorraad hernieuwbare energie – wind, geothermie, water – op een ecologisch verantwoorde manier gebruiken. Dat is de toekomst van IJsland. Niet toerisme.’

‘IJsland zal een bestemming blijven waar mensen naartoe willen komen. Het is nu eenmaal een mooi land’

Premier Katrín Jakobsdóttir

De premier weet het ook niet

De politiek zal uiteindelijk beslissen. De leiders moeten een visie formuleren die verder gaat dan gastvrijer worden voor buitenlandse gasten. Er staat veel op het spel: vóór de pandemie genereerde toerisme tussen 30 en 40 procent van de inkomsten, en 245.000 IJslanders zijn (deels) ervan afhankelijk. Dat is wellicht waarom premier Katrín Jakobsdóttir, 44 en links-groen, opvallend oppervlakkig blijft wanneer we haar vragen hoe het nu verder moet met toerisme in haar land. ‘IJsland zal een bestemming blijven waar mensen naartoe willen komen. Het is nu eenmaal een mooi land. We zullen wel moeten evolueren naar duurzamer toerisme, met een focus op het vrijwaren van onze natuur, want het is dat wat de toeristen komen bewonderen. Je gaat niet naar IJsland om op het strand te liggen of pretparken te bezoeken.’

De premier geeft wel toe dat de snelheid waarmee IJsland afhankelijk geworden is van toerisme een deel van het huidige probleem is, en dat heeft nu gezorgd voor een stijging van de werkloosheid van 4 naar bijna 15 procent. ‘Toegegeven, het heeft ons allemaal overvallen.’

Hoe had het land daarop kunnen anticiperen? Vooral belastingen en tolgelden zijn interessant; de IJslandse regering belast bezoekers niet voor het binnenkomen van het land, of op de belangrijkste toeristische routes. Voorstanders willen dat geld gebruiken voor de infrastructuur en milieubescherming. Maar anderen zeggen dat belastingen en toeslagen niet alleen in strijd zijn met de IJslandse traditie, maar ook de waarde zoekende reiziger, die bijgedragen heeft aan de ­economische groei van IJsland, kunnen afschrikken.

‘De lessen die IJslanders geleerd hebben uit de groei van de visserij en de zware industrie, die de economie de afgelopen decennia aangedreven heeft, zijn niet van toepassing op toerisme. Dat ondervinden we nu’, besluit Jakobsdóttir. Conclusie: er is geen plan – het is bang afwachten hoelang de impact van COVID-19 zal duren en hoe bezoekers de draad oppikken omdat ‘het nu eenmaal een mooi land is’.

En de Chinezen?

Toch zijn er IJslanders met een duidelijke toekomstvisie voor het toerisme. Kristján Gudmundsson van Hotel Húsafell is zo iemand.

Húsafell is een startpunt voor gletsjer- en lavagrottochten. Duurzaamheid en gastvrijheid voor zowel IJslanders als het groeiende aantal internationale toeristen, is Kristjáns doel.

‘Vóór corona was China al de op twee na belangrijkste leverancier van toeristen voor IJsland’

Hij ziet niet de Verenigde Staten of Europa als bronmarkt, maar China. Vóór corona was China al de op twee na belangrijkste leverancier van toeristen voor IJsland. Het was ook de groep toeristen die per capita het meest uitgaven, en het meest gespreid kwamen – zelfs tijdens de barre wintermaanden. De populariteit van Húsafell als (kampeer)bestemming maakt het minder waarschijnlijk dat het ernstig beïnvloed wordt door minder toeristen, zo gelooft hij.

Het hotel draait uitsluitend op duurzame geothermische energie, en serveert alleen voedsel dat komt van lokale visserijen en boerderijen. Iets wat appelleert aan millennials, en dat zijn volgens hem de toeristen van wie IJsland het zal moeten hebben in de nabije toekomst.

Corona Virus Update

  • Wereld
  • Aantal
    besmettingen
    64.498.634
  • Aantal
    doden
    1.492.893
  • België
  • Aantal
    besmettingen
    582.252
  • Aantal
    doden
    16.911