scrollTop top

Op zoek naar een andere aarde? Er is wellicht keuze uit een stuk of 300 miljoen weten we nu

Een NASA-impressie van hoe exoplaneet Kepler 186f er zou kunnen uitzien.

Een nieuwe analyse van gegevens van NASA’s Kepler-ruimtevaartuig verhoogt het aantal bewoonbare exoplaneten in ons sterrenstelsel fors. Er zouden alleen al in de hele Melkweg maar liefst 300 miljoen potentieel bewoonbare aardes kunnen zijn.

Hoeveel planeten zoals onze aarde zijn er nog – als er al zijn? Hoeveel verre planeten zijn er die het leven kunnen herbergen zoals wij dat kennen? Tien jaar geleden ging een groep astronomen op zoek naar een antwoord met een nieuwe, geweldig hulpmiddel: het Kepler-ruimtevaartuig, dat in maart 2009 werd gelanceerd voor een drieënhalf jaar durende missie om 150.000 sterren in een stukje hemel in de Melkweg te volgen. Kepler zocht naar minuscule dipjes in het sterlicht, veroorzaakt door een exoplaneet die voor zijn thuisster passeerde.

Voordat het ruimtevaartuig het uiteindelijk begaf in 2018, had het meer dan 4.000 kandidaat-werelden onder de sterren ontdekt. Geëxtrapoleerd suggereert dat cijfer dat er miljarden exoplaneten zijn in het Melkwegstelsel. Maar hoeveel daarvan zijn potentieel bewoonbaar?

Eta-Earth

Na twee jaar lang de gegevens van Kepler te hebben gecorrigeerd, is een team van 44 astronomen onder leiding van Steve Bryson van NASA Ames gekomen met wat volgens hen het definitieve antwoord is, althans voorlopig. Hun paper is geaccepteerd voor publicatie in het Astronomical Journal.

Volgens schattingen van NASA zijn er minstens 100 miljard sterren in onze Melkweg, waarvan er ongeveer 4 miljard op onze zon lijken. Als slechts 7 procent van die sterren bewoonbare planeten heeft – een zeer conservatieve schatting – zouden er alleen al in de hele Melkweg maar liefst 300 miljoen potentieel bewoonbare aardes kunnen zijn.

Het formele doel van Kepler was om een ​​getal te meten dat eta-Earth wordt genoemd: de fractie van op de zon lijkende sterren met een object ter grootte van de aarde dat in een baan om hen heen draait in het Goudlokjegebied (of Goudhaartjegebied). Dat is de bewoonbare zone of leefbare zone waar het warm genoeg is om het oppervlak vloeibaar water vast te houden.

Het team berekende dat ten minste een derde en misschien wel 90 procent van de sterren die qua massa en helderheid vergelijkbaar zijn met onze zon planeten zoals de aarde in hun bewoonbare zones hebben. Ze gebruikten daarvoor verschillende methoden die telkens hetzelfde resultaat weerspiegelden.

Een NASA-impressie van hoe exoplaneet Kepler 186f er zou kunnen uitzien. Foto: NASA

Volgens schattingen van NASA zijn er minstens 100 miljard sterren in onze Melkweg, waarvan er ongeveer 4 miljard op onze zon lijken. Als slechts 7 procent van die sterren bewoonbare planeten heeft – een zeer conservatieve schatting – zouden er alleen al in de hele Melkweg maar liefst 300 miljoen potentieel bewoonbare aardes kunnen zijn. De auteurs van de studie zeggen dat ze de schattingen opzettelijk verlaagd hebben voor het geval “de natuur voor verrassingen komt te staan ​​met betrekking tot bewoonbaarheid”.

GAIA

Dat betekent dat het melkwegstelsel minstens twee keer zo vruchtbaar is als geschat bij een van de eerste analyses van Kepler-gegevens, in 2013. Andrew Howard, Erik Petigura en Geoffrey Marcy, die geen deel uitmaakten van het Kepler-team, concludeerden dat ongeveer een vijfde van de met de zon te vergelijken sterren planeten herbergde in hun bewoonbare zones.

Een van de verbeteringen bij de nieuwe berekening was de toevoeging van gegevens van de Europese GAIA-satelliet, die de positie en helderheid van 1 miljard sterren heeft gemeten. Die kennis stelde de wetenschappers van Kepler in staat om de bewoonbare zones van hun sterren nauwkeuriger in kaart te brengen.

De Kepler-missie heeft wel geen (aantoonbaar) echte aarde-analogen gedetecteerd. Dat geven ze bij NASA ook wel toe; er zijn nog geen planeetkandidaten die exact analoog zijn aan de aarde in termen van grootte, baan of stertype.

Een probleem blijft wel dat het oriëntatiesysteem van het ruimtevaartuig faalde voordat Kepler zijn eerste onderzoek kon voltooien, waardoor het beperkt was tot het detecteren van planeten met een omlooptijd van minder dan ongeveer 700 dagen – ongeveer twee keer de duur van een aards jaar. De Kepler-missie heeft geen (aantoonbaar) echte aarde-analogen gedetecteerd. Dat geven ze bij NASA ook wel toe; er zijn nog geen planeetkandidaten die exact analoog zijn aan de aarde in termen van grootte, baan of stertype. Als gevolg hiervan moesten de astronomen gegevens extrapoleren van de planeten die ze wel zagen.

Hoewel deze Kepler-planeten vaak de grootte van de aarde hebben – half tot anderhalf de radius van de aarde – en vermoedelijk rotsachtig zijn, weet niemand hoe ze er in detail uitzien, en ook niet of er iets leeft of zou kunnen leven. Ze staan ook te ver weg om dat met de huidige beschikbare technologie verder te bestuderen.

Tot nu toe kennen we slechts één planeet, de onze, die leven herbergt. Maar wat de nieuwe studie wel toont- en definitiever dan ooit – is dat er zijn nog genoeg mogelijkheden om er een te vinden. De Kepler-meting van eta-Earth heeft alleen betrekking op sterren zoals de zon, maar in de melkweg zijn die sterren enorm in de minderheid. Er zijn veel meer kleinere, zwakkere sterren die bekend staan ​​als rode dwergen. Rode dwergplaneten werden niet meegenomen in de nieuwe analyse van eta-aarde.

Volgens astronoom Courtney Dressing, een van de meest vooraanstaande onderzoekers in het veld van exoplaneten, herbergt een kwart tot de helft van de rode dwergen ook planeten met bewoonbare zones. Dressings theorie is niet onomstreden: sommige astronomen geloven dat de straling van dergelijke sterren elk leven zou verdoemen op hun planeten in hun Goudlokjegebied.

TESS

Maar de rode dwergplaneten zijn relevant voor de zoektocht naar leven omdat Kepler de fakkel heeft doorgegeven aan een ruimtevaartuig genaamd de Transiting Exoplanet Survey Satellite, of TESS, dat in 2018 werd gelanceerd om de hele hemel af te speuren naar exoplaneten binnen een paar honderd lichtjaar van de aarde. Cosmisch gezien is dat onze wijk van de Melkweg, en in dat gebied zijn naar schatting drie op vier sterren rode dwergen. Tot dusver heeft TESS 66 nieuwe exoplaneten ontdekt en meer dan 2.000 kandidaten gecatalogiseerd.

Aangezien TESS nog maar net bezig is, ziet er dat dus erg veelbelovend uit. Een gedachte die een beetje een domper op dit alles zet, is deze: de dichtstbijzijnde van die 300 miljoen bewoonbare planeten zou volgens de berekeningen van de astronomen ongeveer 20 lichtjaar verwijderd moeten zijn, en er zouden er vier binnen ongeveer 30 lichtjaar van de zon moeten bestaan. Weet dat het ongeveer 20.000 jaar duurt om één lichtjaar ver te reizen met de technologie die we nu hebben …

Corona Virus Update

  • Wereld
  • Aantal
    besmettingen
    64.498.634
  • Aantal
    doden
    1.492.893
  • België
  • Aantal
    besmettingen
    582.252
  • Aantal
    doden
    16.911