scrollTop top

Op citytrip naar Tsjernobyl: ‘Enjoy it now, die later’

Waarom een selfie nemen aan de Sagrada Familia, als het voor een ontplofte reactor in Tsjernobyl kan? Dark tourism wint aan populariteit, in Oekraïne dankzij de populaire serie Chernobyl. Maar hoe ethisch verantwoord is zo’n tripje, als een souvenirshop glow in the dark-condooms en radioactief ijs verkoopt? ‘Het mag geen Disneyland worden.’ 

26 april 1986. Tijdens een nucleaire test in de kerncentrale van Tsjernobyl in het huidige Oekraïne, zo’n 140 kilometer van hoofdstad Kiev, explodeert reactor vier. De kern vat vuur en een wolk van radioactieve deeltjes verspreidt zich kilometers ver. 31 arbeiders en brandweermannen lieten in de dagen of weken daarna het leven. Drie dagen na de ramp werden meer dan 150.000 inwoners in een straal van 30 kilometer rondom de kernreactor (de zogenaamde Exclusion Zone) geëvacueerd, in eerste instantie tijdelijk tot het gevaar geweken zou zijn. Ze keerden nooit meer terug. 

Het pretpark in Pripyat zou op 1 mei 1986 openen, maar er heeft nooit iemand pret beleefd.

Op vrijgezellenweekend in Pripyat

34 jaar later is die Exclusion Zone – met onder meer de stilgelegde kerncentrale, het verlaten arbeidersstadje Pripyat en het gelijknamige dorp Tsjernobyl – de populairste toeristische attractie van Oekraïne. De huidige time-out door de coronacrisis uiteraard even buiten beschouwing gelaten. Mede dankzij de razend populaire HBO-serie Chernobyl zagen reisbureaus de bezoekersaantallen pieken. In 2019 bezochten in totaal meer dan 100.000 mensen de site, een stijging van 30% in vergelijking met het jaar daarvoor. ‘Dat was een royaal extraatje bovenop de stijging die we de voorbije jaren sowieso al merkten, nog vóór de serie’, vertelt Sergii Ivanchuk ons, CEO van het Oekraïense reisbureau Solo East. Zij organiseren al sinds 2000 bezoeken aan de site en zijn daarmee één van de pioniers. ‘Dat eerste jaar hadden we een handvol klanten. Het jaar daarna waren het er twintig en vorig jaar zaten we aan 20.000.’ Ook Maurits Bouwman van het Antwerpse reisbureau SovjetReizen dat al twaalf jaar excursies naar Tsjernobyl organiseert, herkent de tendens. ‘Vorig jaar steeg het aantal boekingen met 25%, vergeleken met 2018. Je kan echt van een hype spreken. Aanvankelijk waren het vooral wetenschappers, professoren of fotografen die uit interesse naar Tsjernobyl trokken. Nu zie je een heel divers publiek die de plek van hun bucketlist willen afvinken. Het is ook een steeds populairdere bestemming voor studentenverenigingen of vrijgezellenfeestjes.’

‘Ik ben gefascineerd door rampen’, glundert Amerikaan Spencer, die speciaal voor Tsjernobyl naar Europa reisde

Van cantussen en uitbundige verkleedpartijen blijven wij godzijdank gespaard, als begin maart – op de valreep in het pre-lockdowntijdperk – een minibusje in centrum Kiev klaar staat om ons twee dagen lang rond te leiden in de Exclusion Zone. Wel aanwezig met bucketlist en rode pen in de hand: twee Amerikaanse twintigers die speciaal voor Tsjernobyl naar Europa zijn afgereisd, een Britse avontuurlijke dame van eind de vijftig, een backpackster uit hetzelfde Verenigd Koninkrijk en tot slot een Britse stagiair radiologie die zijn studies als excuus kan gebruiken voor dit uitstapje. De gemeenschappelijke gemene deler van het reisgezelschap is wel onmiskenbaar de HBO-serie, integraal verslonden door het het hele busje. Zelfs chauffeur Igor heeft gekeken, inwoner van Kiev en al tien jaar gids op de site. ‘Normaal gezien is het veel drukker’, verzekert hij ons voor vertrek. ‘Maar het is laagseizoen én er hebben heel wat mensen geannuleerd door het coronavirus. Jullie hebben geluk. Hoe kleiner de groep, hoe meer verborgen plekjes ik kan tonen.’ De Amerikaanse Spencer kan zijn enthousiasme nauwelijks verstoppen. ‘Ik ben gefascineerd door rampen’, biecht hij glunderend op, wat meteen verklaart waarom hij veertien uur in een vliegtuig heeft gezeten voor een tweedaagse trip Tsjernobyl. 

Gids Igor poseert spontaan met de geigerteller voor het radioactieve rode woud in de Exclusion Zone. Na tien jaar rondleidingen weet hij welk kiekje de toeristen graag nemen.

Van Pompeji tot Charlie Hebdo

Een bezoek aan de Exclusion Zone is een schoolvoorbeeld van zogenaamd dark tourism, het bewust opzoeken van plekken die met rampen, dood, het macabere en/of tragedie te maken hebben. De term werd eind jaren negentig geïntroduceerd door de Britse onderzoekers John Lennon (de minder muzikale versie weliswaar) en Malcolm Folley, auteurs van het boek Dark Tourism: The Attraction of Death and Disaster (2000). Klassieke voorbeelden van duistere trekpleisters zijn de concentratiekampen van Auschwitz in Polen, Ground Zero in New York of toeristen die in Colombia willen achterhalen waar drugsbaron Pablo Escobar zijn witte goedje zoal verpatste. Recenter nog kan je een bustour boeken langs de meest beschadigde gebieden van orkaan Katrina uit 2005, staat het gebied rondom Fukushima open voor bezoekers en troepen toeristen sinds de aanslag in 2015 samen aan de kantoren van Charlie Hebdo voor een kiekje. Wie weet verovert de beestenmarkt van Wuhan binnenkort wel een plaats in dat macabere lijstje. In de brede definitie van het woord kan je ook bekende begraafplaatsen zoals Père-Lachaise in Parijs of La Recoleta in Argentinië meerekenen, die het graf van onder meer Edith Piaf, Jim Morrison of Eva Peron herbergen.

Dark tourism is uit je comfortzone stappen, je blik verruimen en bijleren over een historische gebeurtenis. Ik zie niet in wat daar mis mee is.

Dark tourism-expert Peter Hohenhaus

Het fenomeen is er al veel langer dan vandaag, weet professor Peter Stone, directeur van het Institute for Dark Tourism Research uit Lancaster. De Italiaanse stad Pompeji die in 79 voor Christus door een vulkaanuitbarsting verwoest werd, wordt al sinds de achttiende eeuw bezocht door toeristen avant la lettre – toen nog zonder sokken in sandalen of bungelende Nikon rond de nek. De aandacht voor duistere plekken neemt de laatste jaren wel opvallend toe, bevestigt Stone. Massatoerisme groeit in het algemeen, waardoor ook minder evidente bestemmingen vanzelfsprekend meer mainstream worden, verklaart de onderzoeker. De Duitser Peter Hohenhaus van dark-tourism.com, die zelf zo’n 900 duistere plekken bezocht in 112 landen en er een online reisgids over maakte, zag de evolutie de voorbije jaren met eigen ogen. ‘Ik merk dat meer en meer reizigers op zoek gaan naar verrassende bestemmingen, in plaats van de klassieke toeristische hotspots’, legt hij ons uit. ‘Ze willen iets authentiek en niet-alledaags zien. Zuiver escapisme op een strand volstaat niet meer. Sociale media en televisieseries spelen zeker ook een rol. Denk naast Chernobyl of Narcos ook aan de serie Dark Tourist op Netflix.’ Deze vorm van toerisme heeft onterecht een negatief en ietwat sensationeel imago, vindt Hohenhaus. ‘Je stapt uit je comfortzone, verruimt je blik en leert iets bij over een historische gebeurtenis. Ik zie niet in wat daar mis mee is.’

Het Holocaust Memorial Museum in Auschwitz trekt jaarlijks meer dan 2 miljoen bezoekers.

Geen toeristen, maar ‘bezoekers’

Na twee uur rijden onder het bekijken van een documentaire over de ramp, stappen een Oekraïner, twee Amerikanen, drie Britten en een Belg uit die comfortzone en uit een minibusje. Het is geen clichématig begin van een flauwe mop, want de bewakers van het State Agency of Ukraine of Management of the Exclusion Zone (SAUEZM) lachen er niet mee. We zijn aan het eerste checkpoint van de Tsjernobylsite gearriveerd; de ingang op 30 kilometer afstand van de reactor. Onze paspoorten worden uitgebreid gecontroleerd, we krijgen een GPS-tracker mee die ons binnen op de voet zal volgen en een piepende geiserteller die continu het stralingsniveau meet. Een formulier dat ons op de risico’s wijst van het betreden van de zone moet verplicht getekend worden, naast een oplijsting van alles wat vooral niet mag. ‘De autoriteiten hier zijn niet zo blij met al die toeristen’, vertrouwt gids Igor ons later toe. ‘Ze controleren heel streng of alle regels wel worden nageleefd en hopen er stiekem op dat er iets misloopt, waardoor ze toerisme van de site kunnen weren. In 2018 hebben ze de toegang tot hele zone een paar maanden afgesloten, omdat iemand op een gebouw was geklommen, eraf was gevallen en gestorven. Het ging toen over illegale toeristen. Ik weet zeker dat ze het definitief hadden proberen sluiten als het wel om een officiële toerist ging.’

In 2018 werden toeristen een tijdlang niet toegelaten, nadat iemand op een gebouw was geklommen, viel en stierf

reisgids Igor

De zone op eigen houtje betreden is verboden. Individuen of groepen moeten begeleid zijn door een gids die officieel in dienst is van de State Agency die de zone beheert, maar officieus voor één van de vele touroperators werkt. ‘Op papier werken ze voor de staat’, verduidelijkt Ivanchov van Solo East. ‘Ze moeten een certificaat halen door te slagen voor een examen van het agentschap, en krijgen dan van hen een bepaald bedrag per tour. Maar wij betalen hen op dagelijkse basis en zorgen ervoor dat ze zich bijscholen, dus eigenlijk is het wel ‘onze’ gids.’ Ingewikkeld, zeg je? ‘Typisch de Oekraïense bureaucratie’, lacht general manager Martin Duben van touroperator Chernobylwel, die sinds 2008 tours verzorgen naar de site. ‘Eigenlijk is er geen officiële regulering voor toerisme. Iedereen die de zone betreedt is een ‘bezoeker’ – omdat er daarnaast ook dagelijks wetenschappers, arbeiders, bewakers enzovoort naar binnen gaan. Wel is het zo dat een gids maximaal 15 bezoekers mee naar binnen mag nemen, en dat er ongeveer 100 gidsen zijn. Officieel is er geen bezoekerslimiet, maar in de praktijk is die er daardoor wel.’ En waar regels zijn, is er vanzelfsprekend ook een illegaal circuit. De Tsjernobylsite kampt met overlast door ‘stalkers’, die de site stiekem proberen betreden en de gebouwen bekladden met graffiti. Voor de recente branden in de Exclusion Zone wordt ook met de vinger richting die stalkers gewezen. De controles door de State Agency worden daardoor steeds strenger, tot ergernis van de gidsen die zelf wel eens van de geijkte paden durven afwijken in ruil voor een goede review op Tripadvisor. 

Een verlaten zwembad in Pripyat. Een no-go voor toeristen wegens instortingsgevaar, maar gidsen loodsen je er stiekem toch binnen.
Een voormalige turnzaal in Pripyat

Scoren op Instagram met onthoofde poppen

Op onze trip hebben we, zoals Igor al aankondigde, ‘geluk’. We kruisen tijdens die twee dagen in de Exclusion Zone slechts een zestal andere busjes met toeristen. Het gure regenweer en de desolate sfeer zetten de juiste toon bij het bezoek aan ‘spookstad’ Pripyat op 5 km van de reactor, waar de arbeiders en hun families met 50.000 woonden voor de ramp gebeurde. Een verlaten schoolgebouw, een ziekenhuis met beschimmelde matrassen, een pretpark dat op 1 mei 1986 zou openen maar waar nooit iemand pret heeft beleefd, leegstaande hotels en supermarkten, een compleet door begroeiing overwoekerde weg: de dystopische, apocalyptische realiteit overtreft de nochtans al schrijnende fictie van Chernobyl. Ook letterlijk trouwens. Igor wijst ons met plezier op enkele historische onjuistheden in de serie. Zo heeft er nooit iemand vanop de zogenaamde de Brug des Doods staan kijken naar de ontploffing, maar kreeg de brug die naam na een verkeersongeval, lang voor de ontploffing van de kernreactor. 

Onze gids neemt ons stiekem toch mee naar verboden, maar fotogenieke plekjes. ‘Krijg ik dan wel een goede review op Tripadvisor?’

‘Uitzonderlijk hoor, dat we deze plek voor ons alleen hebben’, benadrukt Igor nogmaals. ‘Vorige zomer stonden we hier met vier groepen aan te schuiven om dezelfde foto te nemen.’ Om er dan lichtjes ironisch aan toe te voegen: ‘Laat jullie maar gaan, die enge foto’s met poppen vanuit het verlaten schooltje doen het goed op Instagram.’

Een ziekenhuiskamer in het hospitaal in Pripyat
Een verlaten schoolgebouw met geruïneerde lokalen en overal creepy poppen en teddyberen, alsof ze er voor de perfecte foto zijn neergezet.

De opmerking is even raak als wrang, want de dramatische taferelen lijken wel expliciet in scène gezet voor toeristen met camera in de aanslag. Een stad die systematisch geëvacueerd werd in 1986 kan toch bezwaarlijk compleet overhoop liggen alsof er een orkaan door geraasd heeft, inclusief afgehakte poppenhoofden en georkestreerd rondslingerende schoolboeken? Op mijn vraag hoe dat kan, probeert Igor nog: ‘Door het weer en de wind.’ Maar hij voegt er al snel aan toe: ‘Voor de helft dan toch. Zo’n 5 procent van de verplaatsingen gebeuren door vandalen en illegale bezoekers, nog eens 45% zijn toeristen en fotografen die bewust de setting wat aanpassen. Het is goedkoper dan Photoshop’, lacht hij. Officieel mogen we overigens niet vrij rondlopen in de gebouwen wegens instortingsgevaar, zoals we allemaal braaf beloofden op het formulier. Maar de gidsen laten het quasi allemaal toe. Igor speelde zo zelfs tijdelijk zijn vergunning kwijt. ‘Een toerist had zichzelf gefilmd in de gebouwen en dat op YouTube gezet. Hij bleek een populaire vlogger, dus de autoriteiten kwamen erachter en trokken mijn vergunning enkele maanden in.’ Dat weerhoudt hem er niet van om ons toch stiekem de fotogeniekste verboden plekjes te tonen, ‘maar beloven jullie dan wel een positieve recensie te schrijven op Tripadvisor? Ik kan het gebruiken na een paar maanden op non-actief te staan.’

Ik hoop eerlijk gezegd dat het aantal bezoekers weer normaliseert, na de piek van de HBO-serie

Touroperator Martin Duben
‘Dat vlaggetje heeft iemand hier neergeplant voor een mooie foto. De straling is hier minimaal’, weet gids Igor.

Het roept vragen op over het vaak besproken ethische aspect van dark tourism: is een selfie wel gepast op een plek van menselijk lijden en de dood? Is dat hele immersieve ‘we reizen om te leren’-riedeltje geen dekmantel voor sensationeel voyeurisme, dat ons nog meer credits bij virtuele volgers oplevert? Zelfs de touroperators zelf zitten gewrongen met de kwestie. ‘Eerlijk? Ik vind het geen goede evolutie dat Tsjernobyl meer en meer een toeristische attractie aan het worden is’, geeft Ivanchuck van Solo East toe. ‘In plaats van historische of wetenschappelijke interesse te tonen, gaat het steeds meer om de perfecte foto om op sociale media te zetten. Ik ben bang dat Tsjernobyl verloren zal gaan aan massatoerisme, terwijl dat net níet de bedoeling is. Je kan deze tour niet vergelijken met een middag chillen op een zonnig strand met een cocktail erbij. Deze plek verdient een intelligente aanpak. Het moet een educatief centrum blijven, dat bezoekers in beperkte mate toelaat zonder de omgeving te schaden.’

‘Life is short, eat more Chernobyl-ice cream’, tipt Chernobyl-tour. Andere reisorganisaties vinden dit eerder ongepast in deze setting.

Ook Martin Duben van Chernobylwel is bang dat de zone steeds meer ‘richting Disneyland’ zal evolueren. ‘Ik weet dat het vreemd klinkt om te zeggen als toeristisch bureau. Vanuit economisch standpunt zeg ik natuurlijk: hoe meer bezoekers, hoe beter voor onze business. Maar de zone mag niet kapot gaan aan toerisme. Als je met honderden staat aan te schuiven om iets te bekijken, is ook het hele effect weg dat je wil creëren door de desolate site open te stellen. Ik hoop eerlijk gezegd dat de HBO-serie even een piek heeft veroorzaakt en dat het daarna weer normaliseert.’

Aanschuiven voor een foto aan kernreactor 4, omhuld in een sarcofaag die 200 ton aan hoog nucleair afval veilig opbergt. Tegen 2056 moet die opnieuw vervangen worden.

Vriendjes met de president

Wie om logische redenen níet wakker ligt van massatoerisme (tenzij over hoe er nog meer geld aan te verdienen) is de Oekraïense president Volodymyr Zelensky. Vorige zomer kondigde de president aan dat hij een officiële toeristische attractie wil maken van de zone. Hij wil het aantal bezoekersroutes uitbreiden – onder meer ook via bootjes langs het water – en ‘onnodige restricties verbieden’. Partner in crime van de president is het toeristisch bureau Chernobyl-tour, dat een duidelijk monopolie heeft op de markt. Langs de kant van de weg richting Exclusion Zone zijn uitsluitend reclameborden van deze organisatie te zien. CEO Yaroslav Yemelianenko zou volgens bronnen ter plaatse op een goed blaadje staan bij Zelensky en actief inzetten op een samenwerking, wat hem geen windeieren legt. Zo moeten alle reisbureaus minstens drie dagen voor de tour een lijst met de namen en paspoortnummers van de deelnemende toeristen doorgeven aan de administratie. Later kom je er niet meer in. Enkel voor Chernobyl-tour kan blijkbaar een uitzondering gemaakt worden: voor een meerprijs kan je er ‘last minute’ boeken. Win-win voor toeristen die op het laatste nippertje in Kiev besluiten een tour te willen doen, en extra duiten in het zakje voor Chernobyl-tour dat hiermee voordeel heeft op concurrenten. 

Het toerisme zal blijven toenemen. We moeten op die vraag inspelen

Yaroslav Yemelianenko, CEO van Chernobyl-tour

Het is ook deze organisatie die verantwoordelijk is voor de twee omstreden souvenirshops aan de ingang van Chernobyl, die de andere touroperators tevergeefs probeerden tegenhouden. In de etalage: ‘glow in the dark’-condooms, gasmaskers, T-shirts met ‘Enjoy Chernobyl, Die later’ en in de zomer ‘radioactief ijs’. Wetende dat er dagelijks arbeiders langs dit standje passeren die mogelijk kennissen of familie hebben weten sterven op de site, is het op zijn zachtst gezegd nogal pervers. En het werkt nog ook. Mijn reisgezelschap zwicht gretig voor de glow in the dark-magneten en de Japanners uit het busje voor ons poseren trots met hun net gekochte Chernobyl-pet voor de speciaal daarvoor neergeplante tanker. Ook door – je raadt het al – Chernobyl-tour. 

‘We noemen het geen toeristenshops. Het is een infoshop’, aldus de CEO van Chernobyl-tour

Van ethische bezwaren hebben ze bij de organisatie zelf niet echt last. ‘Wij noemen dat geen toeristenshops, maar ‘infoshops’, verduidelijkt CEO Yaroslav Yemelianenko vanuit zijn kantoor in Kiev. Netjes gehuld in pak, maar wel met een T-shirt waarop het symbool voor radioactiviteit prijkt. Hij nipt van zijn koffiemok met hetzelfde symbool, starend naar de kast in zijn bureau die gevuld is met gekke Tsjernobyl-gadgets.

Yaroslav Yemelianenko, CEO van Chernobyl-tour, poseert voor hun nieuwe kajaks waarmee je langs het water de Exclusion Zone in kan gaan. (Foto: Instagram)

‘In de context van Tsjernobyl wordt altijd het negatieve benadrukt: de tragedie, de doden, de ziektes,… Maar er is ook een positieve kant aan, namelijk alle mensen die hard werken om de site weer op te bouwen. Met die shops willen we dat positieve met een vleugje humor benadrukken. De gasmaskers, de T-shirts, de condooms,… ze moeten de idee kracht bijzetten dat er zich niet zomaar verbrande grond achter het checkpoint bevindt.’

Het protest dat ontstond om de toeristenshops te verwijderen, begrijpt de CEO dan ook niet. Noch de bezorgdheid over massatoerisme. ‘We zetten net in op dat massatoerisme. Dertig procent van de boekingen verloopt via ons bureau en we stijgen jaarlijks met 10 à 15%. Recent zijn we begonnen met een route over het water, via kajaks en boten. Maar we bekijken ook of we bepaalde gebouwen in de zone niet zouden kunnen restaureren en inrichten als appartementsgebouwen uit de Sovjettijd, zodat toeristen door een soort belevingsmuseum kunnen wandelen. Het toerisme zal blijven toenemen. We moeten ervoor zorgen dat bezoekers waar krijgen voor hun geld en alles kunnen zien wat ze willen.’

Igor toont ons een uitzonderlijk radioactief partikel, verpakt in plastic, dat hij ergens opdiept uit gebouw waar niemand in mag. ‘In ruil voor een goede review hé’, knipoogt hij.

Respect, aub

Dark tourist-expert Peter Hohenhaus, die zelf al meerdere keren de zone bezocht sinds 2006 , denkt er anders over. ‘Ik beschouwde Tsjernobyl lang als één van mijn favoriete dark tourism-plekken. Maar gezien de recente ontwikkelingen, moet ik mijn mening herzien. De site wordt populairder dan goed voor haar is. Sommige reisbureaus neigen te veel naar sensatie, door te adverteren met sensationele slogans of bijvoorbeeld in militaire outfits een rondleiding te geven. Maar daarnaast is ook het gedrag van sommige bezoekers een probleem, die de gekste dingen doen voor de perfecte foto. Hen beschouw ik overigens niet als dark tourists. Ik zie eerder een evolutie waarbij meer reguliere toeristen ook die dark spots gaan opzoeken. Ze respecteren helaas niet altijd de sereniteit die gepast is bij zo’n plek.’ Hohenhaus zou het niet zo gek vinden om een restrictie op het aantal bezoekers te leggen, of bijvoorbeeld selfiesticks te verbieden. Al ziet het er niet naar uit dat zo’n regels prioritair zijn. 

Voor toeristen is het een bezienswaardigheid. Voor ons een tragedie

Taxichauffeur Sergei

De Oekraïense taxichauffeur Sergei (56), wiens oma lang voor de ramp in de omgeving woonde waardoor hij er zich vooral zorgeloze zomers herinnert, vindt het ook nogal dubieus. ‘Voor toeristen is dit een bezienswaardigheid. Een leerrijk uitstapje, terwijl ze op vakantie zijn’, vertelt hij tijdens de rit naar de luchthaven. ‘Maar vergeet niet: voor ons blijft dit een tragedie.’ Ook Chernobyl-producer Craig Mazin riep zelf al via Twitter op om respect te tonen bij een bezoek aan de Exclusion Zone. ‘Het is fantastisch dat onze serie mensen heeft geïnspireerd om de site te bezoeken’, klonk het. ‘Maar ik heb ook de [respectloze] foto’s de ronde zien gaan die daar worden genomen. Als je een bezoek plant, hou dan alstublieft in het achterhoofd dat daar een verschrikkelijke tragedie heeft plaatsgevonden. Toon respectvol gedrag naar iedereen toe die hier heeft geleden.’ 

Enkele van de omstreden foto’s van influencers op Instagram:

Corona Virus Update

  • Wereld
  • Aantal
    besmettingen
    31.016.799
  • Aantal
    doden
    960.634
  • België
  • Aantal
    besmettingen
    102.295
  • Aantal
    doden
    9.948
Biden vs Trump
AMERIKAANSE VERKIEZINGEN
Volg het hier LIVE elke dag