Ondertussen in de Stille Oceaan: van handelsoorlog naar wapenwedloop

In het openbaar vechten China en de VS een handelsoorlog uit, en de laatste weken vliegen er beschuldigingen heen en weer over in wiens lab de coronapandemie begonnen is. Maar zoals altijd is het belangrijker wat er onder de radar gebeurt. De pr-match die de twee grootste militaire machten ter wereld uitvechten in de media uit zich in de Stille Oceaan in een heuse wapenwedloop.

20 maart 2020, de Filipijnse Zee: Het Amerikaanse leger vuurt vijf raketten type SM-2 af richting China. Officieel gaat het om een militaire oefening, maar het doel van de missie is een boodschap over te brengen naar het Chinese Volksbevrijdingsleger: ‘We kunnen jullie geavanceerde wapensystemen aan.’

De grote militaire sprong voorwaarts

De afgelopen decennia heeft China namelijk forse militaire investeringen gedaan. Het Zweedse instituut SIPRI (Stockholm International Peace Research Institute) bracht eind april zijn jaarlijkse rapport uit over de militaire uitgaven in de wereld. Daaruit bleek dat China de voorbije jaren een recordbedrag aan defensie uitgaf. Daardoor stond het vorig jaar voor de eerste keer in de top 3 van landen die het meest uitgeven aan defensie.

De VS zijn nog steeds de onbetwiste nummer 1, maar China zit zijn rivaal militair dicht op de hielen. Gemeten in harde dollars heeft China nog veel inhaalwerk: De VS gaven 732 miljard dollar uit, terwijl China 261 miljard dollar in zijn leger pompt. Maar de Chinezen kopen meer voor die dollars.

Zo investeert de Volksrepubliek de laatste jaren onder meer fors in de uitbouw van zijn marine, in geavanceerde raketten waarmee het vliegdekschepen kan uitschakelen, in moderne stealth-straaljagers, en in allerlei militaire hightech, zoals drones, robots en kunstmatige intelligentie.

Kruitvat in de Zuid-Chinese Zee

De rakettest van de Amerikanen kan dan ook gezien worden als een reactie op die status quo. De Filipijnse Zee ligt vlak naast de gecontesteerde Zuid-Chinese Zee. Dat is al jaren een kruitvat in de rivaliteit tussen China en de VS. Peking baseert zich op zijn geschiedenis om zich de energierijke wateren volledig toe te eigenen.

De Filipijnen, Vietnam, Maleisië en Taiwan claimen ook verschillende eilandjes in het gebied, daarin gesteund door de VS. De militaire acties van de VS van de afgelopen weken zijn volgens persagentschap Reuters gericht op de Chinese hegemonie op vlak van kruis- en ballistische raketten tegen te gaan.

Het Pentagon wil de Chinese voorsprong in de ‘race om het bereik’ te verkleinen. Het Volksbevrijdingsleger, de Chinese militaire troepen, heeft een enorm arsenaal aan raketten opgebouwd die een veel groter bereik hebben dan die van de VS en hun regionale bondgenoten.

In maart werden de Amerikaanse defensie-uitgaven besproken in het Amerikaanse parlement. Militaire commandanten deden de nieuwe strategie in de regio uit de doeken. Er werd openlijk gesproken over kleine kanonneerboten die vijandelijke schepen uitschakelen, in de rug gesteund door precisieraketten.

Chinese motieven

De VS willen dus de Chinese macht in de Zuid-Chinese regio breken. Maar waarom is China zich al jaren tot de tanden aan het bewapenen?

Naast de VS, willen de Chinezen ook vermijden dat die andere Aziatische grootmacht veel invloed verwerft in de Stille Oceaan, India. Ze smeden bondgenootschappen met India’s aartsvijand Pakistan, en beschermen angstvallig de Chinese belangen in de regio. Dat zijn dan met name de toeleveringsketens van grondstoffen uit het Midden-Oosten en Afrika, vitaal voor de Chinese economie.

Daarom is de Filipijnse Zee, waar de laatste rakettesten plaatsvonden, onmisbaar. ‘Die zee is een cruciale doorgang voor Chinese schepen die Westelijk de Stille Oceaan opvaren, of richting de Indische Oceaan’ zegt militaire analist Song Zhongping aan de Hongkongse krant South China Morning Post. ‘De VS wil met die oefeningen zijn militaire aanwezigheid in de regio versterken. De vrees bestaat dat ze in de Filipijnse Zee opzij gezet worden door het Volksbevrijdingsleger. Dat de VS nu zo hard de spierballen laat rollen, toont aan dat het politiek vertrouwen tussen beide grootmachten ver zoek is.’