Roger Scruton

Alicja Gescinska interviewt filosoof Roger Scruton: ‘Zonder schoonheid zou het leven onmogelijk zijn’

Als een schok, maar niet als een verrassing. Zo kwam het nieuws mijn mailbox binnen. Hij had net de resultaten van de specialist te horen gekregen: uitzaaiingen van kanker in de longen. Twee weken later zit ik bij hem thuis, op zijn boerderij in Wiltshire. ‘Ik ben niet bang voor de dood, wel voor het doodgaan.’ Aan het woord is Roger Scruton, de Britse filosoof die meer dan vijftig boeken op zijn naam heeft staan. Hij is een van de zachtmoedigste mensen die ik ken. Als ik met mijn leven een woordenboek moest vullen, stond naast het lemma ‘vriend’ als eerste zijn naam.

We begroeten elkaar onhandig. We willen elkaar omhelzen, maar de dokters hebben gezegd dat hij zo veel mogelijk contact moet mijden, uit vrees voor infecties. Op de tafel staat een pompflacon met ontsmettingsmiddel voor de handen. Half zittend, half liggend op zijn sofa zoekt hij naar een comfortabele positie. Maar zijn hele lichaam doet pijn. Vooral in zijn benen is die pijn ondraaglijk. Dat er meer aan de hand moest zijn dan een vorm van reuma, zoals aanvankelijk gedacht, was me al tijdens onze ontmoeting eind juni in Brussel opgevallen. Hij was vermagerd. Zijn stem klonk anders. Wandelen ging moeizaam. En vooral: wijn smaakte hem niet meer zoals vroeger. Dat laatste baarde me grote zorgen. Want het drinken van wijn is voor hem een existentiële aangelegenheid. Hij schreef er een prachtig boek over: I Drink Therefore I am. Als wijn hem niet smaakt, moet er wel iets grondig fout zijn. ‘Ik hoop dat ik toch nog weer eens van het leven zal kunnen genieten, wat me ook nog van leven rest. Maar ik wil niet ondankbaar klinken. Er is me meer gegund dan vele anderen. Ik heb er 75 prachtige jaren op zitten.’