‘De natuurlijke vooruitgang van artificiële intelligentie maakt ons zowel machtig als machteloos’

In 2011 publiceerde een vrijwel onbekende, 35-jarige historicus aan de Hebreeuwse Universiteit van Jeruzalem een boek. Sapiens: Een kleine geschiedenis van de mensheid sloeg in als een bom en werd een internationale bestseller. Ondertussen groeide Harari uit tot een van de meest invloedrijke denkers van dit moment. Echt wakker liggen van zijn enorme succes doet Harari niet. Van de opmars van de robotisering daarentegen …

Sapiens was Harari’s derde boek en de reikwijdte was even ambitieus als indrukwekkend: een geschiedenis van de mensheid op een schamele vierhonderd pagina’s. Maar nog indrukwekkender was het succes van het boek. Sapiens: Een kleine geschiedenis van de mensheid voerde drie jaar lang de Israëlische bestsellerlijst aan.

Presidenten en eerste ministers

Na de Engelse vertaling in 2014 werden mil­joenen kopijen verkocht en ontving het boek publieke aanbevelingen van de machtigste men­sen in de wereld. Bill Gates zette het op een lijstje van de tien boeken die hij zou meenemen naar een onbewoond eiland, Mark Zuckerberg wees het toe aan zijn online leesgroep en Barack Obama prees het boek voor de diepgaande invloed die het had op zijn denken.

Harari’s opgang was ongebruikelijk voor een academicus met een specialisatie in middeleeuw­se militaire geschiedenis. Maar hij omarmde de roem. Sinds het succes van Sapiens publiceerde hij nog twee boeken. Eerst Homo Deus: Een kleine geschiedenis van de toekomst (nog een bestseller) en nu, recent, 21 lessen voor de 21ste eeuw.

Harari werd een vaste klant op conferenties voor de vermogenden, ontmoette presidenten en eerste ministers in de Zwitserse Alpen op het Wereld Economisch Forum in Davos en sprak techmiljardairs toe in de executiveconferentie­ruimtes op de campussen van Silicon Valley.

Historicus voorspelt de toekomst

Ook de onvermijdelijke, steeds toenemende catalogus van TED Talks – de ultieme scalp aan de gordel van de hedendaagse intellectueel – kon natuurlijk niet op zijn palmares ontbreken. Onlangs bracht hij zelfs een talk via hologram, die al meer dan een miljoen keer bekeken werd.

‘Toen ik mijn academische carrière aanvatte, had ik nooit kunnen bevroeden dat ik zoveel invloed zou krijgen’, vertelt Harari aan News­week. ‘Bij Sapiens had ik een boek voor ogen dat vooral op Israëlische universitaire studenten gericht was. Nu liggen de verwachtingen voor mijn werk veel hoger, en dat is een grote verant­woordelijkheid.’

Zijn onverwachte populariteit leidde tot de verschuiving van zijn aandacht voor het verre verleden naar de nijpende problemen van het heden en de toekomst. Harari wijt die verschui­ving deels aan zijn beroep als docent. ‘Ik vind het mijn verantwoordelijkheid om anderen te helpen om duidelijkheid te scheppen’, zegt hij. ‘Een van de grootste problemen in de wereld van vandaag is dat mensen overspoeld worden door informatie. Het is heel moeilijk om te begrijpen wat er aan de hand is en om de juiste prioriteiten te stellen. Daarom zijn er soms extreem verhitte debatten, die eigenlijk niks te maken hebben met de belang­rijkste vragen die ons zouden moeten bezighou­den. Ik beschouw het als mijn belangrijkste missie om duidelijkheid te scheppen in de publieke are­na zodat mensen het er ten minste over eens zijn wat de belangrijkste vragen zijn. Wat de antwoor­den zijn … dat is nóg iets anders, natuurlijk.’

‘Bij Sapiens had ik een boek voor ogen dat vooral op de Israëlische universitaire studenten gericht was. Nu liggen de verwachtingen voor mijn werk veel hoger, en dat is een grote verantwoordelijkheid’

De verschuiving is een gevolg van de vrijheid die roem met zich meebrengt. Zoals Harari zelf toegeeft, kan hij zich nu richten op zowat alles wat zijn aandacht wegdraagt. Zowel zijn recente werk als onze conversatie wijzen erop dat die hem niet langer naar oude beschavingen leidt. In de plaats daarvan is zijn blik nu gericht op de technologische uitdaging die artificiële intelli­gentie heet. Het laatste hoofdstuk van Sapiens bereidde de weg voor van de technologische bocht in zijn carrière. Harari’s tweede boek, Homo Deus, deed dat met groot succes. 21 lessen gaat op dezelfde weg verder. Hoewel de nieuwste worp talloze thema’s, waaronder de dringendste uitdagingen van vandaag, behandelt, voert artifi­ciële intelligentie de boventoon.

Yuval Noah Harari geeft een keynote over Artificial Intelligence tijdens het X World Future Evolution forum begin juli in Beijing in China.

Robotrevolutie

Zowat elk onderwerp waar we het in de loop van onze conversatie over hebben, leidt ons naar AI. De huidige politieke crisis is vooral zorgwekkend omdat ze ons afleidt van waar we echt bezorgd over zouden moeten zijn: AI. De mensheid heeft behoefte aan een nieuw narratief, want alleen wereldwijde samenwerking kan ons beschermen tegen … AI.

Leest Harari fictie? Ja, tamelijk veel sciencefic­tion, maar de meeste sf misleidt het publiek over … AI. En ga zo maar door. Wat heeft hij te vertellen over immigratie, de opkomst van religieus fundamentalisme en de brexit? ‘Als we ons over twintig jaar afvragen waarom er geen tijdelijke regelgeving was voor AI, zal het antwoord zijn: ‘Wel, omdat we het te druk hadden met de bre­xit.’ Wat een tijdverspilling!’

Harari is niet de eerste historicus die het ver­leden laat voor wat het is, in een poging om de toekomst te voorspellen. Tot op zekere hoogte is die verschuiving logisch: begrip van hoe en waarom de wereld ooit veranderde, biedt inzicht in hoe en waarom zij opnieuw kan veranderen. Maar, zoals Harari zelf goed genoeg beseft, is hij lang niet de eerste die ervan overtuigd is dat ons een ongelofelijke robotrevolutie te wachten staat. In de voorbije eeuw konden we er prat op gaan dat die angst of fantasie steeds opnieuw de kop bleef opsteken. Waarom zal het deze keer zoveel erger, en zoveel dramatischer zijn?

‘Vele van de vroegere doemprofetieën dat ‘de ro­bots het allemaal zullen overnemen’ waren alleen verkeerd getimed’, zegt Harari. ‘Het is niet zo dat ze inmiddels als nonsens afgedaan kunnen worden.’ Daarbij benoemt hij twee verdere evoluties: ten eerste dat robots nu ook beter presteren dan men­sen bij cognitieve taken, niet alleen fysieke taken; en ten tweede dat de weinige jobs die nog zullen overschieten een hoge scholing zullen vereisen en dat de benodigde training ervoor zowel onbe­taalbaar als nutteloos zal worden. ‘Mensen zullen zichzelf niet één keer, maar twee keer of misschien zelfs drie, vier of vijf keer moeten heruitvinden tijdens hun leven’, zegt hij. Zo snel zal de toekom­stige groei van AI namelijk gaan. ‘Mensen zullen het moeilijk hebben om daarmee om te gaan, niet alleen financieel, maar ook psychologisch.’

Als grootste invloeden haalt Harari Zwaarden, paarden en ziektekiemen van de Amerikaanse milieuwetenschapper Jared Diamond aan, dat in 1997 gepubliceerd werd en vergelijkbaar was met het bereik van Sapiens. Daarnaast noemt hij ook Chimpanseepolitiek – Macht en seks onder mensapen van de Amerikaans-­Nederlandse bioloog Frans de Waal; een boek dat parallellen trok met de menselijke politiek en gepubliceerd werd in 1982. Verder krijgt ook Daniel Kahneman, de invloedrij­ke Israëlische gedragseconomist van de bestseller Ons onfeilbare denken, een speciale vermelding. ‘Veel van mijn denken is gevormd door de convergentie van de biowetenschappen en de menswetenschap­pen’, zegt hij. ‘Je kunt de geschiedenis niet begrijpen als je de biologie niet begrijpt.’

We blijven dieren

Harari’s volharding dat mensen niet apart van de natuurlijke wereld gezien kunnen worden, is een ander vaak terugkerend en vertederend the­ma, dat de nadruk op nederigheid legt. ‘De homo sapiens doet hard zijn best om dat feit te vergeten,’ schrijft hij in Sapiens, ‘maar hij blijft een dier.’

Maar de gedachten die uit die redenering voortvloeien, lijken soms tegenstrijdig. Om te beginnen verschillen de natuurlijke wereld en AI niet zoveel van elkaar volgens Harari. Hij beschouwt beide als complexe constellaties van algoritmen, of ze nu digitaal of biochemisch zijn. Harari gelooft ook dat mensen binnenkort geen dieren meer zullen zijn. Ze zullen ‘zoals goden’ worden, zegt hij. ‘Onze macht is verbluffend.’ Maar tegelijk is onze macht impotent. Harari beweert dat de toekomst die hij voorspelt, hoe angstaanjagend ook, in essentie onstuitbaar is.

‘We kunnen het niet stoppen en we zullen het niet stoppen’, zegt hij. ‘De natuurlijke vooruit­gang van artificiële intelligentie maakt ons zowel machtig als machteloos.’

Niet alles is verloren. Behalve wereldwijde samenwerking en regelgeving, even noodzake­lijk als onwaarschijnlijk volgens Harari, ziet hij ook een andere, misschien weinig verrassende oplossing voor de gevaren van AI: namelijk AI. ‘Op hetzelfde moment dat AI je zwakheden herkent,’ zegt Harari, ‘kan AI ook je beschermer worden.’ Volgens hem schuilt er een ‘enorme markt die honderden miljarden dollars waard is’ in ‘AI­hulpmiddelen die het individu kunnen afschermen van de surveillance van onderne­mingen en regeringen’. Net zoals de problemen die zich stellen, kan de oplossing frustrerend zijn in haar eenvoud. Harari zegt er niet bij welke ondernemingen en regeringen de creatie van anticorporatieve en antigouvernementele AI zal bestraffen. Dat lezen we misschien in zijn volgen­de boek.