Coronavaccin: bijwerkingen en onvolledige immuniteit temperen verwachtingen

Het goede nieuws is dat experts denken dat er een COVID-19-vaccin komt. Wetenschappers zijn in recordtijd van ontdekking van het virus naar meer dan 165 kandidaat-vaccins gegaan, met 27 vaccins die nu al in proeven bij mensen worden getest. Maar een vaccin is slechts het begin van het einde. Het is immers onwaarschijnlijk dat een COVID-19-vaccin bereikt wat wetenschappers ‘steriliserende immuniteit’ noemen, wat de ziekte in zijn geheel voorkomt. En dan is er nog een probleem: er zullen (milde) bijwerkingen zijn.

Vaccins zijn in wezen een manier om het immuunsysteem zonder ziekte te activeren. Ze kunnen worden gemaakt met verzwakte virussen, geïnactiveerde virussen, de eiwitten van een virus, een viraal eiwit dat op een onschadelijk virus is geënt of zelfs alleen het mRNA dat voor een viraal eiwit codeert. Aan een vaccin worden blootgesteld, lijkt een beetje op het hebben van de ziekte, zonder de nadelen. Er is nog veel onbekend over de immuunreactie op lange termijn tegen COVID-19, maar, er zijn goede redenen om aan te nemen dat het krijgen van COVID-19 op een of andere manier bescherming biedt tegen toekomstige infecties.

Zwakker

Door een vaccin veroorzaakte immuniteit is echter meestal zwakker dan immuniteit die ontstaat na een infectie. Vaccins worden meestal gegeven als een injectie recht in een spier. Zodra je lichaam de vreemde indringer herkent, genereert het een immuunrespons door bijvoorbeeld langdurige antilichamen te produceren die in het bloed circuleren.

Een vaccin-expert in haar laboratorium in Oxford, VK. Foto: Isopix

Maar ademhalingsvirussen nestelen zichzelf normaal gesproken niet in spieren. Ze infecteren immers de ademhalingssystemen en sluipen meestal binnen via de slijmvliezen van neus en keel. Hoewel vaccinaties antilichamen in het bloed veroorzaken, doen ze dat veel minder in de slijmvliezen, wat betekent dat het onwaarschijnlijk is dat het virus het lichaam niet zal binnendringen. Het is met andere woorden onwaarschijnlijk dat een COVID-19-vaccin bereikt wat wetenschappers ‘steriliserende immuniteit’ noemen, wat ziekte in zijn geheel voorkomt.

Neusspray

Wat niet wil zeggen dat het weefsels dieper in het lichaam, zoals de longen, niet zou kunnen beschermen, waardoor wordt voorkomen dat een infectie erger wordt. Plus, er zijn manieren om de effectiviteit van een respiratoir virusvaccin te vergroten. Zoals door een natuurlijke infectie na te bootsen door levend maar verzwakt virus in de neus te spuiten. Dat is wat het influenza-middel Fluenz Tetra doet bijvoorbeeld, een neusspray die verzwakte griepvirussen bevat. Een handvol onderzoeksgroepen bekijken eenzelfde strategie voor COVID-19. Dat is niet onomstreden. Je wil het coronavirus – in welke afgezwakte vorm dan ook – niet in de neus van mensen spuiten totdat je er absoluut zeker van bent dat het niet langer een virus is dat zich niet van persoon tot persoon kan verspreiden. Zo’n spray is met andere woorden een oplossing die wellicht nog jaren van ons afligt.

Bij deze eerste generatie vaccins is snelheid echter van het grootste belang. Waar het op neerkomt is dat de eerste vaccins de ernst van COVID-19 zullen beperken zonder de verspreiding volledig te stoppen. Denk aan een griepprik in plaats van bijvoorbeeld een poliovaccin. Dat blijkt ook uit de richtlijnen die nogal wat gezondheidsinstanties wereldwijd hebben gedefinieerd voor een COVID-19-vaccin: om goedkeuring te krijgen moet een vaccin ernstige ziekten voorkomen of verminderen bij ten minste 50 procent van de mensen die het krijgen. Dat is natuurlijk niet ideaal. Maar het is beter dan nul procent.

Fase 3

In de afgelopen weken hebben meerdere bedrijven die aan een vaccin werken veelbelovende gegevens vrijgegeven waaruit blijkt dat hun kandidaat-vaccins antilichamen kunnen induceren die het coronavirus neutraliseren in laboratoriumtests. Hun volgende uitdagingen gaan over schaal: het vaccin testen in een fase 3-studie met tienduizenden mensen om te bewijzen dat het infectie in de echte wereld voorkomt, en vervolgens, als het werkt, honderden miljoenen, zelfs miljarden doses produceren. Daarom is zelfs een vaccin dat al bij een klein aantal mensen is getest, nog vele maanden verwijderd.

Fase 3-onderzoeken zijn de grootste en langste van de drie fasen – normaal gesproken zouden ze jaren in beslag nemen, maar ze worden vanwege de pandemie tot maanden herleid. Toch moeten vaccinproducenten tienduizenden mensen inschrijven om de werkzaamheid te bevestigen en te zoeken naar zeldzame en langdurige bijwerkingen. Het kost bovendien tijd om deelnemers te werven en nog meer tijd om te wachten tot ze op natuurlijke wijze worden blootgesteld aan COVID-19. En het kost tijd om eventuele bijwerkingen op de lange termijn vast te stellen, laat staan om alle gegevens eenvoudig te analyseren.

Reactogeen

Wat die bijwerkingen betreft: uit de eerste data van tests op mensen blijkt dat die er sowieso zijn. In vaccintermen lijken ze ‘reactogeen’ te zijn, wat betekent dat ze op korte termijn ongemak hebben veroorzaakt bij een percentage van de mensen die ze in klinische onderzoeken hebben gekregen. Dingen zoals hoofdpijn, pijnlijke armen, vermoeidheid, koude rillingen en koorts.

Zolang die bijwerkingen van eventuele COVID-19-vaccins van voorbijgaande aard zijn en niet ernstig, hoeft dat geen reden tot paniek te zijn. In feite kunnen het signalen zijn van een immuunsysteem dat in beweging komt. Het is ook niet nieuw: sommige vaccins zijn onaangenamer zijn om in te nemen dan andere. Een tetanus-shot veroorzaakt bijvoorbeeld bij een kleine minderheid (hooguit 1 tot 5 per honderd) griepachtige verschijnselen, zoals hoofdpijn, koorts, spierpijn, misselijkheid en braken. Deze verschijnselen houden meestal niet langer dan één tot twee dagen aan. Een enkele keer duren ze tot twee weken.

Ten minste twee fabrikanten, het Amerikaanse Moderna en het Chinese CanSino stopten met het testen van de hoogste doses van hun COVID-19-vaccins vanwege het aantal ernstige bijwerkingen dat werd geregistreerd onder deelnemers aan hun klinische onderzoeken. Zelfs na het stopzetten van de studie van de hoogste dosis, zag CanSino bijna driekwart van de mensen in de fase 2-studie bijwerkingen melden, hoewel geen enkele ernstig was. Het CanSino-vaccin gebruikt een menselijk adenovirus als ruggengraat. Ook de helft van de patiënten die de hoogste dosis van het Pfizer-BioNTech-vaccin kregen – dat net als Moderna een boodschapper-RNA-vaccin is – meldde bijwerkingen.

Het Amerikaanse Moderna stopte al met het testen van de hoogste doses van hun COVID-19-vaccins vanwege het aantal ernstige bijwerkingen. Foto: EPA

De bijwerkingen worden gezien bij een aantal verschillende vaccins, op verschillende manieren gemaakt. Dit lijkt geen probleem te zijn in verband met een specifiek type COVID-19-vaccin. Het Oxford University-AstraZeneca-vaccin, één van de meest veelbelovende, zag bij 60 procent van de ontvangers in zijn vroege fase-onderzoek bijwerkingen, meldde vorige week in het tijdschrift The Lancet.

Het Oxford-team heeft een technologie ontwikkeld die een onschadelijk virus als een soort Trojaans paard gebruikt om het genetische materiaal van een ziekteverwekker naar cellen te transporteren om een ​​immuunrespons te genereren. In het geval van COVID-19 is dat een chimpanseeadenovirus (een verkoudheidsvirus). Het chimp-adenovirusplatform stimuleert zowel antilichamen als hoge niveaus van killer-T-cellen, een soort witte bloedcellen die het immuunsysteem helpt infectie te vernietigen. Alle bijwerkingen werden als licht of matig beschouwd en verdwenen allemaal in de loop van het onderzoek. Maar de bijwerkingen waren wel groter dan bij een meningitisvaccin, waarmee het werd vergeleken.

Nu al communiceren

Nu betekenen die bijwerkingen niet veel, ongemak vooral bij de meeste mensen, en in vergelijking met wat ze te wachten zou staan met COVID-19 een peulschil. Maar experts zeggen dat het belangrijk is om mensen nu al voor te bereiden op de mogelijkheid dat COVID-19-vaccins reactogeen kunnen zijn.

Volgens experts zouden de COVID-19-vaccins reactogeen kunnen zijn. Foto: Isopix

Om te beginnen omdat blijkt door dat te doen bij andere vaccins dat je daarmee een hoop vragen en misverstanden de wereld uithelpt. Als je mensen laat weten wat ze kunnen verwachten, zullen ze zich minder zorgen maken als er bijwerkingen optreden blijkt uit verschillende studies. Er is ook voldoende bewijs dat mensen reactogene vaccins accepteren als ze zich maar genoeg zorgen maken over de aandoening die het vaccin moet voorkomen.

Shingrix, een vaccin van GSK tegen gordelroos (zona) is daar een mooi, recent voorbeeld van. Nogal wat mensen voelen zich korte tijd na de injectie behoorlijk ellendig: koude rillingen, koorts, spierpijn, vermoeidheid, hoofdpijn en bijwerkingen van de spijsverteringssysteem zoals misselijkheid, braken, diarree en buikpijn. De meeste van deze reacties duren 2 tot 3 dagen. Desondanks kon GSK de vraag ernaar lange tijd niet bijhouden. De meeste mensen kennen immers iemand die gordelroos heeft gehad en ze hebben gehoord hoe pijnlijk de aandoening – een reactivering van het latente varicella-virus, een late bijwerking van waterpokkeninfectie – is voor mensen die ze krijgen.

Het andere probleem: de tijdgeest

Goede informatie over wat te verwachten valt, helpt dus altijd. Maar er speelt nog iets anders: de tijdgeest. De anti-vaccinbeweging, die zich vooral via misinformatie te verspreiden op sociale media de jongste jaren fors uitbreidde, is sinds COVID-19 nog sneller gegroeid. Volgens een recent onderzoek zelfs met 20 procent. In de VS blijkt uit polls dat 30 procent van de Amerikanen zelfs als er een vaccin komt, zich zullen weigeren te laten vaccineren. Volgens sommige gegevens is dat zelfs 50 procent. In het Verenigd Koninkrijk is dat 20 procent.

Veel twijfelaars hebben hun bedenkingen bij het hoge tempo waarin nu wordt gewerkt aan een vaccin.

Uit een onderzoek van het Nederlandse actualiteitenprogramma EenVandaag, gehouden onder zo’n 35.000 respondenten, blijkt dat 59 procent van onze Noorderburen open staat voor inenting, mocht op korte termijn een coronavaccin op de markt komen. Iets minder dan een kwart twijfelt nog, 18 procent van de respondenten zegt een vaccinatie zelfs absoluut niet te willen. Een groep twijfelaars die eruit springt, zijn ouders met kinderen die jonger zijn dan 18 jaar: van hen zou slechts 45 procent direct openstaan voor een inenting. Los van compleet gekke complottheorieën voeren de tegenstanders argumenten aan als ‘Ik heb mij twee keer laten inenten tegen de griep en ben nog nooit zo ziek geweest’.

Veel twijfelaars hebben hun bedenkingen bij het hoge tempo waarin nu wordt gewerkt aan een vaccin. Farmaceuten zijn vooral bezig om snel een vaccin op de markt te brengen en staan minder stil bij de mogelijke bijwerkingen was al het belangrijkste argument van mensen die weigerachtig stonden. En dat was voor we wisten dat zo’n coronavirusvaccin allicht reactogeen zal zijn.

Het komt er dus op aan om de sensibilisering nu al te beginnen, valt te horen in medische kringen, want je wil geen situatie krijgen waar mensen afhaken omdat ze ‘gehoord hebben dat je van het vaccin ziek wordt’. Om groepsimmuniteit te bereiken, moet immers zo’n 60 procent van de bevolking immuun zijn voor het coronavirus.