Alle gehamsterde wc-rollen ten spijt: ‘Egoïsme wint niet van solidariteit’

Je zou het niet zeggen als je de wachtrij nerveuze hamsteraars voor de supermarkt naar elkaar ziet loeren. Maar in crisistijden neemt solidariteit onder mensen net toe, bevestigen sociologen en biologen. ‘We denken dat we voorgeprogrammeerd zijn om egoïstisch gedrag te vertonen. Het tegendeel is waar.’

Wie gisteren om 20u het raam opende, hoorde met een beetje geluk hoe een bemoedigend applaus zich verspreidde over de straat. De staande ovatie vanuit isolatie was gericht op onze ‘zorghelden’ zoals dokters, verpleegkundigen en zorgmedewerkers, om hen vanuit het hele land een hart onder de riem te steken. Het initiatief kwam er naar naar analogie met Spanje, dat onder de noemer ‘Viva los médicos’ (Leve de dokters) het voorbije weekend hetzelfde deed. Frankrijk organiseert op haar beurt vrijdagavond een ‘Fête aux Balcons’ waarbij applaus en muziek zal weerklinken voor het zorgend personeel. En in Italië waren vorige week al zangstondes en flashmobs vanop balkons te bewonderen van mensen in lockdown die er de moed in proberen houden. 

Net als primaten worden we net níet competitiever in moeilijke omstandigheden

Bioloog Frans de Waal

Fysiek drijft het coronavirus ons dan wel (met minstens anderhalve meter) uit elkaar, zelfs in isolatie voelen we ons een tikje meer dan anders met elkaar verbonden. Het verbaast de Amerikaans-Nederlandse bioloog Frans de Waal niet, emeritus professor aan de universiteit van Utrecht. ‘De mens is een groepsdier’, legt hij uit via mail. ‘Als we allemaal samen in een lastige situatie belanden, tonen we net ons meest sociale gedrag om elkaar te helpen –  naar analogie met primaten. We denken altijd dat dieren competitiever worden onder moeilijke omstandigheden, maar het tegendeel is waar. Samen zullen we proberen de spanning weg te nemen en de moeilijke situatie te verzachten.’ Volgens de Waal is de situatie na 9/11 in New York daar een prima voorbeeld van. ‘De stad had in de maanden na de aanslag nog nooit zoveel solidariteit gezien, in combinatie met een daling van racisme en de criminaliteit. Een dreiging zoals het coronavirus heeft hetzelfde effect: we groeien dichter naar elkaar toe, omdat we allemaal samen met hetzelfde gevaar wordt geconfronteerd.’

Mondmaskers stikken en virtuele fitnesslessen

Het gevolg is een golf aan solidariteit en spontaan aangereikte helpende handen. In Nederland werd de hasthag #coronahulp opgezet waarop mensen hulp kunnen vragen of aanbieden. Er worden ouderen van eten voorzien die zelf niet in de winkel geraken, iemand roept op om een vriend in isolatie massaal kaartjes te sturen en een keukenprinses leurt met gratis overschotten soep voor de buurt. Kledingmerk Xandres begon in ons land deze week spontaan mondmaskers te stikken – en gisteren volgden heel wat vrijwilligers thuis door de tutorial van de FOD Volksgezondheid te volgen. In Wales werd door de autoriteiten een ‘leger van vrijwilligers’ op poten gezet om hulp te bieden aan buren die het hoogste risico lopen, in de VS maakt artiest Yadesa Bojia Facebookvideo’s waarin hij al het advies rond het coronavirus vertaalt voor zijn mede-Ethiopische Amerikanen, terwijl in het Spaanse Sevilla een fitnessinstructeur via video’s groepslessen geeft zodat mensen van thuis uit fit kunnen blijven. Maar je hoeft zelfs niet verder te kijken dan je eigen Facebookfeed om op kleine solidariteitsacties te stoten: er worden bedankbriefjes op de brievenbus geplakt voor de postbode, of culturo’s vragen bewust geen geld terug voor geannuleerde concerten of voorstellingen om de artiesten te steunen.

Maar wat dan met die ruzies over het laatste pak pasta in supermarkt, het niet willen inleveren van mondmaskers en het massale hamsteren van -godbetert – wc-papier? De Amerikaanse evolutionair bioloog en antropoloog David Sloan Wilson argumenteert in zijn boek ‘Does Altruism Exist?’ (spoiler alert: het antwoord is ja), dat egoïstisch gedrag ons op individueel niveau inderdaad het meeste voordeel oplevert. Net daarom denken mensen vaak dat we voorgeprogrammeerd zijn om enkel aan onszelf te denken. Maar volgens Wilson is dat slechts één aspect, en is binnen het bredere plaatje het tegendeel waar. De mens is een groepsdier, argumenteert ook Wilson, waardoor altruïsme in de praktijk vaker zal zegevieren dan ‘ikke en de rest kan stikken’. Een gemeenschap bestaande uit mensen die ook aan anderen denken, heeft een grotere kans om te overleven dan een groep die enkel aan zichzelf denkt. Het is de uitgebreide visie op het biologische gegeven van kin selection of ‘verwantsschapsselectie’, de theorie die luidt dat we geneigd zijn goed voor onze bloedverwanten te zorgen omdat dit ons het voordeel van het voortbestaan van onze genen oplevert. Trek je die theorie breder open, aldus Wilson, geldt dat ook voor gemeenschappen in het algemeen. 

Iemand helpen geeft ons een gevoel van controle over een situatie die we eigenlijk niet in de hand hebben

Altruïsme uit egoïsme

Een vleugje egoïsme is daarbij trouwens niet geheel afwezig: je doet iets goed voor jouw gemeenschap, en zo onrechtstreeks ook voor jezelf. Dat laatste sluit ook aan bij wat neurobiologen zeggen over wat er in de hersenen gebeurt als je een ander helpt. Iets goed doen voor een ander activeert de beloningscentra in ons brein, wat een extra motivator is om die kom soep naar een buurvrouw in quarantaine te brengen. Wie gisteren mee applaudisseerde voor de zorgverleners, hield daar zonder twijfel mee een warm en troostend gevoel aan over.

Een team van Amerikaanse en Finse psychologen die in 2012 het effect van hulpvaardigheid onderzochten na dramatische gebeurtenissen, zoals schietpartijen in een school of winkelcentrum, zien in onze solidariteit in tijden van crisis dan weer een zoektocht naar steun en houvast. Iemand helpen in nood geeft ons het gevoel van controle en macht over een situatie waar we eigenlijk geen vat op hebben. Je goede hart tonen in tijden van crisis zorgt daarnaast voor een beschermend schild tegen gevoelens van eenzaamheid en hulpeloosheid, aldus de onderzoekers. En dat biedt aan het einde van de rit meer troost dan een XXL-pak vijflagig wc-papier met lavendelgeur.